Een kind opvoeden is niet makkelijk. Zo kan het zijn dat uw kind meer of andere zorg nodig heeft dan andere kinderen. Bijvoorbeeld omdat het een handicap heeft, moeilijk gedrag vertoont of ziek is. Voor u kan opvoeden dan een te zware taak zijn. Of er hebben zich allerlei problemen opgestapeld, waardoor het u allemaal te veel is geworden en niet meer weet hoe u uw kind de nodige zorg en veiligheid kunt geven. In zulke situaties is jeugdhulp nodig. Meestal biedt een hulpverlener hulp in de thuissituatie. Soms helpt dat niet genoeg en is het nodig dat een kind (tijdelijk) ergens anders woont. De Richtlijn Uithuisplaatsing voor jeugdhulp en jeugdbescherming helpt hulpverleners om samen met u te beslissen of uw kind thuis kan blijven wonen en te bepalen welke hulp u en uw kind nodig hebben om te zorgen dat uw kind veilig en gezond kan opgroeien. In de richtlijn staat wat hulpverleners van de jeugdhulp samen met u kunnen doen om de problemen thuis op te lossen. Pandor werkt er hard aan om uithuisplaatsing te voorkomen. De hulpverleners van Pandor zijn getraind om met ouders en hun systeem intensief te werken aan het voorkomen van uithuisplaatsing.

Uithuisplaatsing… of toch niet?

Van hulpverleners mag u verwachten dat zij er samen met u alles aan doen om uithuisplaatsing te voorkomen. Daarom brengt hij eerst samen met u zorgvuldig in kaart wat er aan de hand is. Samen maakt u een plan om de problemen aan te pakken. Met uw hulpverlener gaat u na wie in uw omgeving u om hulp kunt vragen en waar u misschien professionele hulp bij nodig hebt. Er bestaan bijvoorbeeld speciale programma’s voor jongeren met gedragsproblemen om uithuisplaatsing te voorkomen. Ook intensieve pedagogische thuishulp kan helpen. Uw hulpverlener legt u uit welke hulpmogelijkheden er zijn, en welke voor- en nadelen die hebben. Samen spreekt u af wat er moet veranderen en hoe u dat voor elkaar gaat krijgen.
Als de problemen al lang bestaan of er veel verschillende problemen zijn, kan het nodig zijn dat een hulpverlener meerdere keren per week bij u langs komt. Zo kan de situatie in uw gezin snel verbeteren. Ook als de problemen zo ernstig lijken dat mogelijk een uithuisplaatsing nodig is, kijkt de hulpverlener nog eens extra met u samen of de problemen met intensieve hulp niet snel aangepakt kunnen worden. Regelmatig gaat uw hulpverlener na of het thuis voor uw kind nog wel veilig is. Dit bespreekt hij met u.

Samenwerking

Hulp heeft de meeste kans van slagen als u en de hulpverlener samenwerken aan het verbeteren van de situatie. De hulpverlener nodigt u hiertoe uit en beslist zo veel mogelijk samen met u hoe de situatie het beste aangepakt kan worden. Dit is in uw belang, maar ook in dat van uw kind. Hoe eerder u het eens bent over de stappen die gezet moeten worden, des te beter dat is voor zijn ontwikkeling en uw situatie. Het is daarom belangrijk dat u uw wensen en verwachtingen uitspreekt. Ook wanneer uw kind uit huis geplaatst is en u geen gezag meer hebt over uw kind, moet de gezinsvoogd u uitnodigen om samen te proberen de situatie te verbeteren.
In uitzonderlijke situaties kan een hulpverlener een beslissing nemen waar u het niet mee eens bent. Zo’n beslissing neemt een hulpverlener nooit alleen; hij betrekt hier minimaal een gedragswetenschapper bij. Ook kan hij collega’s van andere instanties raadplegen. Hij kan hun vragen om informatie en advies. Alle beslissingen en argumenten daarvoor spreekt de hulpverlener met u door. Verder legt hij schriftelijk vast wat er is besloten, en waarom dat besluit is genomen. Ook de afspraken die u samen maakt worden in duidelijke taal vastgelegd. Heeft u een klacht over de hulp of uw hulpverlener, dan kunt u gebruik maken van de klachtenregeling van de instelling waarbij uw hulpverlener is aangesloten.

Uithuisgeplaatst… en dan?

Wordt een kind uit huis geplaatst, dan gaat uw hulpverlener met u na welke andere hulp u en uw kind verder nog nodig hebben. De hulp is er zo veel mogelijk op gericht om de relatie tussen ouders en kind te herstellen en andere problemen te verhelpen of verminderen, zodat een kind uiteindelijk weer thuis kan wonen.
Veel ouders hebben voorafgaand aan de uithuisplaatsing een zware periode achter de rug. Nu hun kind uit huis is, hebben zij de gelegenheid om orde op zaken te stellen. Een hulpverlener helpt hen daarbij. Maar ook kinderen hebben vaak hulp nodig om weer lekker in hun vel te zitten en te wennen aan de uithuisplaatsing. Als het nodig is, krijgen ook zij hulp aangeboden. De hulpverlener stelt samen met u vast wat er moet veranderen en hoe u dat samen gaat aanpakken. Ook wordt er direct een omgangsregeling vastgesteld als een kind uit huis wordt geplaatst. In zo’n omgangsregeling staat hoe vaak, waar en wanneer u contact met uw kind kunt hebben. Zo kunt u uw kind snel en regelmatig weer zien. Het kan dan zijn dat u met meerdere hulpverleners te maken krijgt. Als dat zo is, regelen ze onderling wie de hulp aan u en uw kind in goede banen leidt. Zo heeft u altijd een duidelijk aanspreekpunt.

Pandor Jeugdzorg

Pandor Jeugdzorg biedt programma’s en ondersteuningen voor jongeren en gezinnen, zowel individueel als groepsgericht. Zonder wachttijden.